Eric (62) uit Beverwijk werkte 18 jaar lang voor de Hoogovens. Hij begon er als jonge jongen in 1982 en werd door Hoogovens zelf opgeleid op de bedrijfsschool. Hij zou in de walserij beginnen maar dat zag hij niet zitten- hij wilde naar buiten. Hij kwam terecht bij de Kooksgasfabriek 2, als zogeheten kloppeneur. ‘Wij waren er om de deuren van de ovens goed af te sluiten- we sloegen met slagijzers de deuren dicht voor het verbrandingsproces- er mocht geen lucht bijkomen -als er nog kieren zaten smeerden wij die dicht met klei, Belgisch mortel- zo ben ik begonnen, een vaste baan bij KGF 2. Hard werken, zonder airstreamhelm natuurlijk want die hadden ze toen nog niet. Maar ik had er de tijd van mijn leven. Ik ben later doorgegroeid als procesoperator naar de gasreiniging en uiteindelijk op het centraal paneel geëindigd”.
Eric ziet een duidelijk verschll tussen de bedrijfsvoering van Hoogovens destijds en van Tata Steel nu.
Alles werd destijds goed bijgehouden en gerepareerd als dat nodig was, daar werd best veel geld ingestoken. Dat gebeurt nu niet meer- je wordt gewoon in de maling genomen.
Dat de kwaliteit van de oude installaties te wensen overlaat is niet sinds gister en dat illustreert Eric met een voorbeeld. ”In 1988 moesten alle ploegen naar de kantine komen. Daar werd ons verteld dat we maar een andere baan moesten gaan zoeken want met deze fabriek was het afgelopen volgens de bedrijfsleiding, destijds Joris Jansbeke. Het was klaar – de fabriek was te verouderd, de noodzakelijke investeringen te hoog – de fabriek was feitelijk afgeschreven. Dat was de boodschap. We zijn inmiddels bijna veertig jaar verder en hij draait nog. Maar vraag niet hoe”.
Eric studeerde door, werd veiligheidsdeskundige en werkt inmiddels al jaren voor de GGD als inspecteur. Een half jaar geleden reed hij op zijn fiets terug van zijn werk in Haarlem naar Beverwijk over de sluizen toen hij een enorme zwarte wolk uit de hoge schoorstenen zag komen. Dat gebeurt wanneer er een gat in de ovenwand zit en de ruwgassen ,door de verbrandingskamer, door de schoorsteen worden getrokken. Hij heeft er direct melding van gemaakt bij de Omgevingsdienst maar is teleurgesteld over de manier waarop zijn meldingen worden opgepakt. “Het is niet transparant. Je moet echt je best doen om een melding te kunnen doen en dan krijg je een generiek mailtje terug- ik denk niet dat er iets mee gebeurt. Ook zouden ze het melden veel eenvoudiger moeten maken – nu is het veel te omslachtig om op de site een melding te kunnen maken.
Eric spreekt sommige van zijn oude collega’s van Hoogovens nog regelmatig. Dan hebben ze het ook over hun gezondheid. “Misschien waren we vroeger naïef, we hadden geen idee van de schadelijke stoffen. Ik heb veel slechte gassen ingeademd, mijn collega’s ook. Ik heb nu last van mijn luchtwegen. Vorig jaar zijn we eerder teruggekomen van vakantie omdat ik de hele camping bij elkaar hoestte. Natuurlijk maak ik me zorgen- ik heb net weer een controle achter de rug, gelukkig was alles okay. Maar veel van mijn collega’s zijn er al niet meer. Uit mijn clubje zijn er nog paar over, er zijn er al veel overleden. Ook mannen van 50”.
Hoewel hij weet dat zijn leefomgeving niet gezond is, is Eric toch verknocht aan de plek waar hij woont en werkte. “Mijn broer en vader werkten ook voor Hoogovens, het is wat je kent en wie je kent. Het is moeilijk om daar kwaad over te spreken. Ik zou wel willen dat ze bij Tata eerlijk zouden zijn over de cijfers. En dat de Omgevingsdienst er nog veel meer bovenop zou zitten”.

Rolgordijn in de slaapkamer van Eric